
De functionaliteit van de Raybender 3000 is afgebeeld in de volgende grafieken:

In de zomer wordt het ochtend- en middaglicht optimaal benut door het Solatube systeem (blauwe lijn). Er is een extra grote hoeveelheid daglicht beschikbaar. In het zomerse middaguur — als de zon zich “recht” boven het dak bevindt — wordt het teveel aan licht afgekaatst.
In de winter zorgt de Raybender 3000 voor een hogere opbrengst. Omdat de zon dan lager aan de hemel staat, is er veel laag-invallend buitenlicht. De Raybender vangt deze lichtstralen op en kaatst ze de lichtbuis in.
Zo zorgt de slimme Solatube-koepel steeds voor een optimale lichtopbrengst.

De werking van de Raybender bij lage zonnestand is duidelijk aangetoond. Bij een lage zonnestand geeft de Solatube met Raybender techniek (linker grafiek, blauwe lijn) ruim de dubbele lichtopbrengst. De lage zonnestand in de winterdag is te vergelijken met een zomeravond om circa 19:00 uur. Het verschil tussen 2000 lumen en 3000 lumen is in de winter veel belangrijker. Meer licht in de winterdag is mogelijk dankzij de innovatieve techniek van Solatube.
Bij het klimmen van de zon neemt de lichtopbrengst van veel daglichtproducten toe. Zo ook bij de Solatube 330 DS, het enige Solatube systeem zonder Raybender techniek (beide grafieken, groene lijn). Hoe meer zon, hoe meer licht. Zelfs tot een niveau van zo’n 12000 lumen, dat is vergelijkbaar met een lamp van meer dan 1000 Watt. Een overvloed aan daglicht geeft discomfort vanwege overbelichting en ongewenste warmte-ontwikkeling.
De Raybender laat bij een hoge zonnestand het overvloedige licht afkaatsen. Het effect is duidelijk te zien. Er ontstaat een constant lichtniveau gedurende de dag. De fluctuaties van het daglicht worden wel doorgegeven. De uiterste pieken kunnen echter niet doordringen in de binnenruimte.